
(Inhoud en Vorm, Volume en Dynamiek)
Iedereen kan schreeuwen en fluisteren. Jij dus ook. De vraag is alleen: ben je je bewust van je eigen spreekvolume en dynamiek: is het adequaat en beschik je over een volumeknop?
‘Volume’ is natuurlijk ook een aanduiding voor ‘inhoud’. Volume wordt als inhoudsmaat bijvoorbeeld in liters of kubieke meters uitgedrukt. Stel je voor hoe je stemgeluid zich altijd door een ruimte beweegt voordat het een luisteraar bereikt. En dat je als spreker iedere ruimte met een zekere inhoud zou kunnen vullen met je geluid door met je volumeknop te werken. En dat je daarmee elke luisteraar (ook achter in de zaal) kunt bereiken. Stemgebruik is daarmee gerelateerd aan het innemen van ruimte: territorium. Het goedschiks of kwaadschiks leren beschikken over territorium (ruimte delen of ruimte nemen) kan daarom ervaren worden als een daad van positie innemen of een daad van agressie. Niet voor niets worden stemmen meestal luider bij onenigheid of ruzie: er moet territorium veroverd worden. Daar staat tegenover dat het comfortabel en aangenaam is als een spreker luid genoeg spreekt om door iedereen verstaan te worden. Bewegen met volume = dynamiek. Het is belangrijk om als spreker de juiste dynamiek te hanteren.
Of je het juiste volume gebruikt hangt ook af van de voorkeur van die luisteraar: waar de één een stem als zwak en zacht betitelt of zelfs verafschuwt, prijst de ander de zachtaardigheid, het geduld en de bescheidenheid van de spreker. Andersom kan een luide stem als comfortabel, krachtig en recht door zee worden ervaren of juist als afstotend, overdonderend of onbeschoft.
Bij een overwegend laag volume kunnen luisteraars associaties krijgen met eigenschappen als: soft, zwak, eigen wereldje, afstandelijk of afwezig. Maar zachtjes spreken zal in sommige gevallen passend zijn: om niet al te veel te storen, om gerust te stellen of om tot rust te manen. Continu zacht spreken zorgt per definitie voor een bescheiden positie. Zacht spreken voor een groep kan in sommige gevallen juist meer aandacht trekken dan luid spreken… Het kan de nieuwsgierigheid wekken, een gevoel van intimiteit geven. Let wel: alléén als het tijdelijk ingezet wordt. Duurt het te lang, dan haken luisteraars juist af.
Continu luid spreken, ongeacht de ruimte of situatie wordt al snel als dominant ervaren. Dat wordt de luisteraars dan letterlijk ‘te veel’ en ze trekken zich terug. Luid spreken kan ook op verschillende manieren adequaat zijn: voor een grote groep, in een grote ruimte, om iemand te roepen, voor korte instructie of om te commanderen. Of om hulp te roepen en om expressie te geven aan een emotie.
Bij een onbeweeglijk volumepatroon (gebrek aan dynamiek) kan het zijn dat luisteraars je stem classificeren als dreigend, afwezig, afstandelijk of ‘soft’. Of zelfs: monotoon (ook al gebruik je melodie). Bij een té beweeglijk volumepatroon kan die indruk overslaan naar dreigend, agressief, claimend of dwingend.
Holle vaten klinken het hardst? Daarmee wordt vooral gedoeld op (een gebrek aan) intellectuele eigenschappen die als holle vaten klinkende sprekers worden toegedicht. Je kunt het gezegde dus niet zomaar omdraaien. Wel relativeren: er bestaat een subtiele relatie tussen inhoudelijke spreken en de inhoudsmaat Volume. Voor jou als spreker geldt: zet je volume dynamisch in! Ontdek er de ruimte mee en beweeg je publiek er wat mee van je af of naar je toe. En bovenal: ga op zoek naar en speel met de samenhang van dynamiek met de andere factoren: je melodie, je ritme en natuurlijk: je inhoud!
Wil je meer over leren over dynamiek, melodie en ritme? Gebruik dan het handboek voor sprekers met een schat aan oefeningen voor stem, spraak, inhoud en optreden: “Hoe zal ik het zeggen” dat in april 2023 verscheen. Of neem contact op me op voor de mogelijkheden rond sprekerscoaching. Van harte welkom!





reageer