207e bot(je) ondekt: os loqui

Tot nog toe is algemeen bekend dat het menselijk skelet uit gemiddeld 206 beenderen bestaat. Gemiddeld, omdat er individueel nogal eens variaties voorkomen in bijvoorbeeld het aantal sesambeenderen of het aantal wervels, met name in het staartbeen.

skeletal-system

Ontdekking

De ontdekking die in maart van dit jaar is gedaan mag dan ook uitzonderlijk worden genoemd. Het gaat om een niet algemeen voorkomend, specifiek beentje, dat verantwoordelijk zou zijn voor wat het menselijk ras onderscheidt van andere diersoorten: de ontwikkeling en perfectionering van de spraak.

Os loqui

os loquiHet beentje (dat ‘os loqui’ oftewel ‘spreekbeentje’ is gedoopt) wordt door verschillende stem- en spraakspecialisten al ‘de ontbrekende schakel’ genoemd tussen onze niet-sprekende voorouders en de eerste mensensoort waar al veel over bekend is: de homo sapiens. De ontdekking werpt nieuw licht op onderzoek naar de ‘sprekende mens’ (homo loquens) van vóór het tijdperk van de homo sapiens – de periode van meer dan 280.000 jaar geleden.

Het betreffende beentje is concaaf van vorm, in doorsnee variërend van 4 tot 6 mm en heeft een lengte van 11-13 mm.

Spreekvaardigheid

De ontdekker van het beentje, stemantropoloog Alex Boon, heeft inmiddels een voorlopige theorie ontwikkeld rond de functie van het beentje. “Er kan met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid gesteld worden dat het beentje positief bijdraagt aan zowel de mogelijkheid tot vrije stemproductie als aan de ontwikkeling van de precieze spraakmotoriek die nodig is bij de klankvorming van gesproken taal bij de mens. Bezitters van het beentje zijn duidelijk bevoordeeld bij de ontwikkeling van de spreekvaardigheid ten opzichte van hen die het zonder dit beentje moeten stellen.”

Onderzoek

Inmiddels wordt ook binnen verschillende toneelopleidingen en conservatoria belangstelling getoond voor het bestaan van het beentje en de rol die het beentje speelt bij de klankvorming tijdens acteren en zingen. Naar de manier waarop dit minuscule beentje invloed uitoefent op de spraak moet nog verder worden onderzoek worden gedaan. Hiervoor kan Boon rekenen op de inspanningen van zijn collega’s uit België, die een onderzoek naar spreekvaardigheid willen starten bij hedendaagse (Nederlands- en Vlaamstalige) sprekers bij wie de aanwezigheid van het spreekbeentje reeds is geconstateerd. Het onderzoek wordt gedaan bij mensen die ervaring hebben in een spreekberoep, zoals acteurs en logopedisten. Tijdens het onderzoek wordt gebruik gemaakt van een controlegroep van sprekers uit dezelfde categorie die niet over een spreekbeentje beschikken.

Informatie voor sprekers en geïnteresseerden

De resultaten van dit onderzoek zullen in de toekomst op de website Spreekbeentje.nl worden gepubliceerd. Sprekers zonder spreekbeentje die hun medewerking aan het onderzoek willen verlenen kunnen op deze website terecht voor meer informatie of een bericht sturen naar Alex Boon.

Advertenties

Au! oerkreet of taaluiting?

auw! ouch! aïe!

Gisteren hoorde ik op de radio een korte verhandeling over de vraag of “Au!” een aangeboren kreet zou kunnen
zijn… een oerkreet, wellicht.
Daargelaten of de kwestie ‘aangeboren of aangeleerd’  interessant is, kun je je inderdaad afvragen wat taal en geluid met elkaar te maken hebben…

 

Specifieke taaluiting?

Uitingen van pijn kennen in iedere taal zo haar varianten: Au! (Nederlands), Aïe! (Frans) of Ouch! (Engels) – om maar drie Europese voorbeelden te nemen. Aangezien we de kreet Au! als een uiting van pijn herkennen, is zij ‘talig’ (want: betekenishebbend).

Er zijn echter over de hele wereld overeenkomstige geluiden te vinden voor deze uitdrukking van pijn. In die zin staan deze uitingen los van ‘de taal’ die men spreekt  – zij onderscheiden zich daarvoor te weinig van elkaar. Men zou ze universele uitingen van pijn kunnen noemen.

Universele uiting – schreeuwen

Als je je schreeuwen voorstelt als een fysieke actie kun je concluderen dat – net zoals bij fysieke acties als lopen, rennen, en zitten – deze actie voor de mens een redelijk algemeen herkenbare vorm heeft.

Overal ter wereld lopen, liggen, rennen, zitten mensen op een voor andere mensen duidelijk herkenbare manier. Dat geldt dus ook voor schreeuwen en andere ‘primitieve’ vocale uitingen:  mensen lachen, grommen, gillen en kreunen overal ter wereld vergelijkbaar.

Betekenis van schreeuwen

Of het nu van pijn, woede of plezier is: schreeuwen is een primitieve bezigheid.

De luisteraar kan de betekeniswaarde van een schreeuw nogal vrij interpreteren. Hij of zij schat de situatie in en legt associatief verband tussen de uiting en de eventuele aanleiding –of die nu in of buiten de mens ligt.  De betekenis van de schreeuw wordt ‘ingevuld’. De werkelijke betekeniswaarde en de interpretatie van schreeuwen kan dan echter ver uit elkaar liggen.

Net als bij gesproken taal, dus…

Primitief versus gecultiveerd geluid

Alfred Wolfsohn , een Duitse zangpedagoog, deed op dit gebied tegen wil en dank ervaringen op in de loopgraven tijdens de eerste wereldoorlog. Hij constateerde een enorme variëteit aan pijn- en doodskreten bij gewonde en stervende soldaten. Geluiden die in het ‘gewone leven’ niet of zelden zijn te horen.

Hoewel  het vocale vermogen voor het maken van dit soort geluiden bij vrijwel ieder mens aanwezig is, komen zij in de regel niet, óf minder, óf in gecultiveerde vorm voor.

De betekenis van de pijnkreet

Je kunt een kreet van pijn op verschillende manieren uiten, waardoor zij als het ware van betekenis gaan veranderen. Deze betekenisverschillen staan in relatie tot de aard van de pijn: innerlijke pijn, emotionele pijn, fysieke pijn… Plotselinge, zeurende, jammerende, lichte, heftige, stekende, folterende pijn – ze kennen allemaal hun vocale varianten. Sommige pijnkreten zijn kort, andere lang, sommige kennen één klank of toon, anderen een reeks van klanken en tonen. Bij baby’s –zij zeggen over het algemeen geen ‘au’ – valt die variatie nog goed te beluisteren. Volwassenen hebben daarentegen een klein, vast repertoire voor het aangeven van pijn. Bij beiden moeten we meestal maar raden wat er precies aan de hand is…

Talige oerkreet

In de meeste gevallen trekt een pijnkreet de aandacht. Mensen kunnen met zichzelf of met anderen afspreken of het wenselijk is zich te uiten of geen geluid te maken.  ‘Au’ zou je in dat licht dus als “een restje van de oerkreet” kunnen zien of als het begin van taal.

Korte handleiding: de techniek van het “au!”-zeggen

De pijnkreet of -kreun kent verschillende uitspraken, samenhangend met de oorzaak van en de omgang met de pijn: uiten, verbijten (denk maar eens aan het houtje tussen de tanden – dit bevordert de articulatie niet…!), het koesteren of etaleren van de pijn, het accepteren van of vechten tegen de pijn.

De in Nederland gebruikte kreet ‘Au’ is, fonetisch bekeken, een tweeklank.

De uitingen Au, Aïe en Ouch komen als volgt tot stand:

Als de mond bij een pijnervaring wijd wordt geopend en de stem klinkt, hoort men een [a] (als in ‘maat’) of [a] (als in ‘mat’) klinken. Sluit men daarna snel de mond weer tot [u] (als in ‘moet’), dan is de Au! als tweeklank gerealiseerd.

Sluit men de mond na de [a] echter met een [i] (als in (‘piet’), dan is de Aïe! als tweeklank het gevolg.

Ouch! voegt, naast de overgang van [a] naar [u] nog de klankenreeks [t], [s] en [j] (geen stemgeluiden) toe.

Voor de toon en het volume waarop de uitingen worden uitgesproken, alsmede te tijd die daarmee is gemoeid, zijn geen vaste criteria aanwezig.

En daarmee is de boodschap afgeleverd.

Aanmoedigen is Zilver, Juichen is Goud

Uitslagen van sportwedstrijden zijn vaak moeilijk te voorspellen. Wel is 100% zeker dat er zal gejuicht worden.

Juichen. Wat is dat eigenlijk?

Juichen!!!Iedereen die een stem heeft kan het. Stemverheffing, zonder tussenkomst van gedachten over de inhoud. Juichen gebeurt op een speciaal moment en komt als een verrassing, als een cadeautje – je kunt niet voorspellen wanneer er precies gejuicht gaat worden. Juichen heeft een speciale aanleiding nodig, juichen is een gevolg van een gebeurtenis die de juichende mens vreugde brengt. Voor supporters is dat meestal: een doelpunt.
doelpunt -> juichen

Oergeluid

Een doelpunt mondt tijdens een voetbalwedstrijd letterlijk uit in een collectief voortgebracht oergeluid. Dat geluid laat zich niet keurig definiëren via vastgelegde patronen in toon(hoogte) volume(sterkte) of betekenis. Juichen = chaos; het start over het algemeen plotseling – een sterke emotie leidt tot een vocale eruptie van stemgeluid. Juichen is een nogal primitieve expressievorm; het is één van de weinige uitingsvormen waarbij men zich straffeloos kan laten gaan.
gebeurtenis -> emotie -> juichen

Oorzaak en gevolg

Om de scoringskansen te vergroten worden spelers door het betrokken publiek aangemoedigd. Achter aanmoedigen schuilt – in tegenstelling tot juichen – een plan en een doel.
Een belangrijk verschil met juichen is, dat er verbale vaardigheden bij nodig zijn – voor aanmoedigen dient te worden overgestapt op tekst. Die kan bestaan uit losse woorden (Hup, hup!), uitroepen (“Kom op! Naar voren!), of hele zinnen die een tip, suggestie of beloning kunnen bevatten (goed gedaan, jochie!).
De articulatie laat bij het aanmoedigen weliswaar nogal eens te wensen over, maar van primitieve expressie is geen sprake meer.
Voor aanmoedigen gebruikt men ook het uit de Engelse taal afgeleide woord ‘supporten’. ‘To support’ betekent: ondersteunen. Degene die aanmoedigt is een ‘supporter’. Aanmoedigen is gericht op prestatie. Aan juichen gaat doorgaans een prestatie vooraf.
aanmoedigen -> presteren -> gebeurtenis -> juichen.

Euforie en dysforie

Juichen en aanmoedigen kennen ook tegenhangers.
Voor juichen is dat: de zucht. De zucht is een geluid van teleurstelling, verslagenheid en ontgoocheling. Met de zucht verlaten alle spanning en adem het lichaam van de supporter. De zucht begint met een stemgeluid dat klinkt als luide klacht en dat daarna oplost in een ruisende ademtocht. Bij de verzuchting “Aaahhhhh…” sterft het geluid al snel weg.
Bij juichen leidt de energie van de emotie tot krachtig geluid maken, opspringen uitstrekken van het lichaam. Bij de zucht lekt de energie weg en zijgt de supporter verstillend ineen tot een futloos wrak.
gebeurtenis -> emotie -> zucht
Aanmoedigen kent ook een negatief expressieve tegenhanger: protesteren. Protesteren kan qua inhoud uiteenlopen van ‘boe’-geroep tot het luidkeels uiten van tegenwerpingen, ontkenningen, bedreigingen, verwensingen en vloeken.
gebeurtenis -> emotie -> protest

To support or not to support…

Begrijpelijkerwijs is het veel van een supporter gevraagd om op momenten van grote teleurstelling over te gaan tot stevig supporten van de falende partij. Ook voor de spelers is het mentale dal op een dergelijk moment diep. Zeker wanneer spelers en supporters van de tegenpartij luid juichend hun succes vieren. Juist op zo’n moment zouden supporters hun titel eer aan kunnen doen. Daarvoor is echter een bijna bovennatuurlijke inspanning nodig… De zucht en bijbehorende effecten moeten worden omgezet in een krachtige, verbale support. Waar deze omslag lukt, staat de ware supporter op. Of dat lukt, blijft altijd de vraag…
zucht/protest -> nadenken -> aanmoediging
Juichen overkómt een supporter, aanmoedigen moet worden gedáán. Wanneer een supporter bewust bij zichzelf ingrijpt na een teleurstelling (zelfsupport)  en de spelers al aanmoedigend tot een hoger prestatieniveau brengt, volgt als beloning de gouden kans om lekker primitief te kunnen juichen!
zucht/protest -> nadenken -> aanmoedigen -> presteren -> gebeurtenis -> emotie -> juichen