Praat eens zo traag als Stoffel de schildpad of zo snel als Zoef de haas… Het is beslist geen fabeltje dat álles aan je spraak dan zal veranderen. En daarmee de manier waarop de luisteraar jou en je boodschap interpreteert. Leuk dat het kan, maar structureel ingrijpen in je spreekpatroon vraagt oefening. Oefening baart kunst maar kost ook tijd. Die hebben sprekers niet. Zij dragen dan liever het etiket snelle of trage spreker. Toch kan het, en het is ook nog eens leuk om te doen! Hoe dan? En welke factoren spelen bij tempo een rol?
Je stemvolume
Stemverheffing kan zorgen voor een verlaging van je spreektempo. De extra energie die je in je stem stopt geeft extra expressie-tijd aan je klinkers en tweeklanken. Door dat beetje extra tijd klinkt je boodschap niet alleen luider, maar ook extra NA-DRUK-KE-LIJK.
Omgekeerd kun je met een laag volume vaak sneller spreken; je verkort er de duur van de klinkers (als je die al uitspreekt) een fractie mee.
Je klankduur
Klinkers en tweeklanken kun je eenvoudig verlengen. Mensen die traag spreken worden daarom ook wel als ‘lijzig’ ervaren: ze kunnen hun ste—m he—l la—ng aa—n hou—den. En ook met de meeste medeklinkers (s, z, f, v, g, r, m, n, ng, l, w ) kun je je spraak vertragen. Mmmaarrrr dat gggeeffft wwwelll eennn vvvrrrreemmmd efffect. Explosieve of ploffende medeklinkers (p, t, k) zullen je spraak eerder blokkeren dan vertragen. P, T en K lenen zich dan ook goed voor een plotseling(e) ‘halT’ / ‘stoP!’
Je uitspraak
Zorg kost tijd. Besteed je zorg aan je articulatiebewegingen, dan nemen die dus ook meer tijd in beslag. Een uitgesproken beweging zorgt er ook voor dat elke klank min of meer een eigen ruimte inneemt. Ook dat kost tijd. Je tempo verlaagt.
Met mompelen kun je dan weer makkelijker hogere snelheden halen. Je smelt er je klanken mee samen en soms vallen die zelfs weg. Dat scheelt weer tijd.
Je beweging
Je lichaamsdynamiek hangt ook samen met je spreektempo. Je grove motoriek (hoofd, hand- en armbewegingen, romp- en bekken bewegingen) kan je spraak afremmen of aanjagen. Probeer maar eens snel te praten en langzaam te lopen (of andersom). Je conditie is ook van invloed: bij een hele slechte conditie moet je stil zitten om al je energie in je spraak te kunnen stoppen. En je adem kan je spraak enorm vertragen of juist lekker op tempo houden.
Je rol, intentie en emoties
Een verontwaardigde politicus die de ander wil overtuigen of een kalme yogadocent die de innerlijke rust wil bevorderen: verschillende emoties, rollen en intenties hebben invloed op het spreektempo. Soms gaan de emoties met een spreker aan de haal: het verhaal wordt er dan op een moordend tempo doorheen gejaagd. Emotieregulatie is voor sprekers dus belangrijk: de inhoud, het spreekdoel en de luisteraars moeten steeds voorop staan. Bewuste rolkeuze en het vooraf bepalen van je intentie kunnen je daarom als spreker helpen je spreektempo te controleren.
Ben je een snelle of een trage spreker en wil je leren hoe tempobewegingen in je spraak een aantrekkelijk ritme teweegbrengen? Spreek een individuele sessie af of neem deel aan de workshop ‘Professioneel spreken in een dag’. Of lees het in en oefen het uit mijn boek.






reageer